Page 22 - KPMG Promemorie 2016
P. 22

Belast                                                  Vrijgesteld1)

 Rechten die geen betrekking hebben op zaken            Rechten op kapitaalsuitkeringen uitsluitend
   Bijvoorbeeld chartaal en giraal geld, effecten,         ter zake van invaliditeit/ziekte/ongeval
   warrants, opties, schuldvorderingen (waaronder
   vorderingen inzake erfbelasting, winstrechten,        Rechten op termijnen van de
   kapitaalverzekeringen                                   overdrachtsprijs van een aanmerkelijk
                                                           belang, indien de overdrachtsprijs uit een
 Overige vermogensrechten                                 of meer termijnen bestaat waarvan op het
   Dit is een restcategorie, waaronder bijvoorbeeld        vervreemdingstijdstip het aantal of de
   niet-bedrijfsmatig geëxploreerde vergunningen           omvang onbekend is
   vallen. Afgezonderd particulier vermogen
   (bijvoorbeeld vermogen dat in een trust is
   ondergebracht) wordt rechtstreeks toegerekend
   aan de inbrenger. Dat kan vermogen in box 3 zijn,
   maar ook in box 1 of 2

Aftrekbaar                                               Overige vrijstellingen, zie tabel
                                                           vrijstellingen box 3, 1.6.2.1

                                                        Niet aftrekbaar

 Schulden                                               Drempel voor schulden, zie tabel drempel
   Verplichtingen met waarde in het economische            schulden box 3, 1.6.2.2
   verkeer, inclusief schulden waarvan de rente niet
   aftrekbaar is in box 1 of box 2, inclusief schulden   Contante waarde van verplichtingen,
   inzake erfbelasting maar exclusief overige              bijvoorbeeld op grond van periodieke giften
   belastingschulden                                       of alimentatie, als deze al als
                                                           persoonsgebonden aftrek in aanmerking
                                                           kunnen worden genomen

1) Vermogensbestanddelen die in box 1 of box 2 worden aangegeven, worden in box 3 niet in
    aanmerking genomen tenzij specifieke allocatieregels anders bepalen.

1.6.2.1 Vrijstellingen box 3

Rechten op overlijdensuitkeringen, mits maximaal          2016          2015                  2014
                                                          EUR           EUR                   EUR
Contant geld en vergelijkbare vermogensrechten
(bijvoorbeeld chipkaart, cadeaubonnen)                      6.956         6.921                 6.859
Per belastingplichtige
Gezamenlijk met partner                                        520          517                   512
Geblokkeerde spaartegoeden/aandelenoptierechten/            1.040         1.034                 1.024
aandelen/winstbewijzen op grond van een spaarloon-
regeling tot een gezamenlijk bedrag van maximaal1)      Vervallen       17.025                17.025
Groene beleggingen                                         57.213       56.928                56.420
Per belastingplichtige                                                 113.856               112.840
Gezamenlijk met partner                                  114.426       123.428               123.428
Op 14 december 1999 bestaande kapitaal-                  123.428

   verzekeringen,
maximaal2)

20 januari 2 0 1 6
   17   18   19   20   21   22   23   24   25   26   27