Page 51 - KPMG Promemorie 2016
P. 51
9.2 Vrijstellingen erfbelasting
Partner1) en (klein)kinderen 2016 2015 2014
Verkrijging door: EUR EUR EUR
Partner
maximaal 636.180 633.014 627.367
minimaal (na pensioenimputatie) 164.348 163.530 162.071
Kind
ziek/gehandicapt 60.439 60.138 59.601
overig 20.148 20.047 19.868
Kleinkind 20.148 20.047 19.868
Ouders 47.715 47.477 47.053
Overige verkrijgers
Door de Belastingdienst aangemerkte algemeen nut 2.122 2.111 2.092
beogende instellingen (ANBI’s)
Amateursportinstellingen en niet-commerciële Geheel Geheel Geheel
dorpshuizen, hobbyclubs, personeelsverenigingen,
jeugdgroepen en buurtverenigingen (SBBI’s) Geheel Geheel Geheel
1) Zie voetnoot 1 bij tabel 9.4.3 voor een beschrijving van het partnerbegrip.
9.3 Vrijstelling bij bedrijfsopvolging
2016 2015 2014
EUR EUR EUR
Verkrijging ondernemingsvermogen van erflater of 1.060.298 1.055.022 1.045.611
schenker1): 1.060.298 1.055.022 1.045.611
vrijstelling 100% tot en met een waarde van
vrijstelling 83% boven waarde van2)
1) Aan zowel de erflater als schenker worden voorwaarden gesteld waaronder zij
ondernemingsvermogen onder toepassing van de vrijstelling kunnen overdragen. Daarnaast gelden
vereisten waaraan de voortzetter van de verkregen onderneming moet voldoen.
2) Voor het bedrag van de verschuldigde erf- en schenkbelasting bestaat de mogelijkheid uitstel van
betaling te verkrijgen voor een periode van tien jaar. Er is echter wel invorderingsrente
verschuldigd.
9.4 Tarieven
9.4.1 Tarief erf- en schenkbelasting 2016
Verkrijging I. Partners en II. Kleinkinderen III. Andere verkrijgers
tussen kinderen1)
en B A B A B
(1) (2) A % EUR % EUR %
EUR EUR EUR
– 121.903 – 10 – 18 – 30
121.903 hoger 12.190 20 21.942 36 36.570 40
49 januari 2 0 1 6

