Page 44 - KPMG Promemorie 2016
P. 44
4.6 Modelstaat voor loonberekening 2016
Te betalen Berekening Berekening Berekening
door nettoloon loonkosten grondslag
Brutoloon Werkgever EUR EUR EUR
Pensioenpremie Werkgever B B
Werknemer + B
Loon in natura Werkgever -
Bijtelling auto van de zaak Werkgever + -
Eigen bijdrage voor privégebruik - +
auto van de zaak Werknemer - - +
Levensloopsparen1) Werknemer
-
-
Uniform loonbegrip U
Loonheffing, rekening houdend Werknemer -
met de algemene heffingskorting
en de arbeidskorting inclusief Werkgever +
afbouwpercentage en werkbonus Werkgever +
oudere werknemers (indien van Werkgever +
toepassing) Werkgever +
Eindheffing voor rekening van Werkgever +
werkgever (zie ook 3.2, 3.3 en 4.4) +
Premie WW-Awf (2,44%)
Premie sectorfonds (variabel per
sector)
Basispremie WAO/WIA (6,38%)
Gedifferentieerde premie Whk
(variabel per werkgever)
Inkomensafhankelijke bijdrage Zvw
(6,75%)
Nettoloon werknemer N
Afdrachtvermindering Werkgever -
Loonkosten werkgever K
U = uniform loonbegrip (grondslag voor loonheffing, premie
volksverzekeringen, werknemersverzekeringen en
Zorgverzekering)
B = brutoloon
N = nettoloon werknemer
K = loonkosten werkgever
1) Als de waarde van het levenslooptegoed van de werknemer per 31 december 2011 minimaal EUR
3.000 was en per 1 januari 2014 meer bedraagt, dan nihil.
42 januari 2 0 1 6

